weekblad-logo

week 26-2022

Fotoquiz eerste

De snelste met het goede antwoord op de foto van vorige week was Ria Scharn. De nieuwe opgave komt dan ook van haar. De vraag is:

Welke straat/gracht/weg/laan ziet u in de voorgrond?
Welke straat/gracht/weg/laan ziet u in de verte?

Oplossingen via deze link

Foto: Stadsarchief Amsterdam

Oplossing vorige week

 

We hebben niemand horen mopperen dat deze foto al eerder onderwerp in de quiz was. Het gaat om de Looiersgracht, gezien naar de Lijnbaansgracht. In de verte geeft de schoorsteen de plek aan de Schans aan, waar de Amstel Suikerraffinaderij staat. In weerwil van wat hier en daar in de Beeldbank gezegd wordt: Amstel is de juiste benaming. De fabriek werd in 1913 gesloopt en op het perceel verrees het Gesticht van Liefde "Sint Bernardus" dat het tehuis aan de Oude Turfmarkt verkocht had aan De Nederlandsche Bank. De opening volgde in 1915.
Hieronder een tekening van André J. de Groot van de fabriek met de Koekjesbrug.

Foto en tekening: Stadsarchief Amsterdam

Goede oplossingen kwamen van Ria Scharn, Anneke Huijser, Anthony Kolder, Marike Muller, Jos Mol, Katja Kronenberg, Arjen Lobach, Hans Olthof, Han Mannaert, Adrie de Koning, Mike Man, Herman Schim van der Loeff, Minne Dijkstra, Annabelle Parker, André de Raay, Kees Valentijn, Dirk Fuite, Hans van Efferen, Aschwin Merks,

Fotoquiz: Peter's keuze

De keuzefoto betreft deze week een locatie binnen de Singelgracht.

Hier wordt ergens aan gewerkt. De vraag is:

Wat gebeurt hier?

Laat het ons weten via deze link

Foto: Stadsarchief Amsterdam

Oplossing: Hans' keuze

 
Dit was een 'brug te ver' voor de meesten. Zonder enig herkenbaar punt in de foto was hier moeilijk het Vinkenbuurtje in te herkennen. Chapeau voor diegenen die het wel vonden.
Het Vinkenbuurtje was het noordelijkste deel van de Stads- en Godshuispolder, half Amsterdam en half Nieuwer-Amstel. Natuurlijk is er een PDF die dat dekt. Daarin een tekening van Herman Misset met exact hetzelfde beeld (p.26).

Foto: Stadsarchief Amsterdam

Goede oplossingen kwamen van Anthony Kolder, Arjen Lobach, Marike Muller, Andre Woons, Harry Snijder, Hans van Efferen, Jos Mol, Mike Man,

Heeft u ook een opvallende foto gevonden?

Laat ons meegenieten en stuur hem naar de redactie. Het onderwerp kan zich zowel binnen als buiten de Singelgracht bevinden. Wij verwachten wel een niet alledaags beeld dat ook niet-buurtbewoners toch wel eens op het netvlies kregen. Graag via deze link en alléén via deze link a.u.b. Blijf sturen!

Fotoquiz Wat? Waar?

Onduidelijke werkzaamheden, maar u weet 't vast wel. Onze vragen zijn:

Welke straat/weg is dit?
Wat gebeurt hier?

Laat het ons weten via deze link

Foto: Stadsarchief Amsterdam

Oplossing vorige week

 

Rechts zou u de woonhuizen boven de galerij van het Paleis voor Volksvlijt aan het Westeinde herkend kunnen hebben, die de tuin achter het Paleis omsloten.
De brug is de nieuwe Utrechtsepoort (brug 248) die later de naam Paleis voor Volksvlijtbrug kreeg. De echte Utrechtsepoort stond de plannen van Samuel Sarphati voor een groot tentoonstellingsgebouw á la Crystal Palace in de weg. Hij kreeg permissie die poort af te breken maar diende wel voor een zgn. barrière te zorgen: een afsluitbare brug met commiezenhuisje, net als we onlangs bij de Weteringpoort zagen. Zie ontwerp Willem Springer en aquarel van W.M.A.Rieke hieronder.

Afbeeldingen: Stadsarchief Amsterdam

Goede oplossingen kwamen van Arjen Lobach, Ria Scharn, Anneke Huijser, Harald Advokaat, Mike Man, Jos Mol, Dirk Fuite, Marike Muller, Han Mannaert, Harry Snijder, Hans van Efferen, Peter Waagen, Aschwin Merks,

Met de camera op pad...

Tram en trein vlak naast elkaar, wèl met een stevig hek ertussen. Onze vraag is:

Welke straat/weg is dit?

Laat het ons weten via deze link

Foto: Stadsarchief Amsterdam

Foto van vorige week

 

U moest het van de situatie hebben, van de zijgracht die op een hoofdgracht uitkomt en in de verte als straat verder gaat. Dit is de Spiegelgracht die op de Prinsengracht uitkomt en daarna als Nieuwe Spiegelstraat tot de Herengracht doorloopt.

Foto: Stadsarchief Amsterdam

Goede oplossingen kwamen van Ria Scharn, Arjen Lobach, Anneke Huijser, Mike Man, Jos Mol, Han Mannaert, Hans Olthof, Adrie de Koning, Marike Muller, Harry Snijder, Hans van Efferen, Aschwin Merks,

Hulp gevraagd...

De brandweer wist het beter dan Sinck en richtte een takelwagen in om paarden uit het water te tillen. Deze demonstratie vond plaats op iets dat een binnenplaats lijkt. De nieuwsgierige kinderen staan in een poort die deze binnenplaats afsluit. Misschien een kazerne? Maar waar staat die dan?

Weet u waar dit is?

U kunt de foto weer klikken voor de maximale resolutie.

Laat het ons weten via deze link

Foto: Stadsarchief Amsterdam

Hulp gevraagd... en gekregen

 

Dit was de Coppelstockschool in de Pieter van der Doesstraat 15, hoek Joos de Moorstraat (Admiraal de Ruijterbuurt). De foto zit twee keer in de Beeldbank en de tweede is wel juist beschreven. Ze komen overigens uit twee totaal verschillende bronnen en het zijn ook twee verschillende afdrukken dan wel vergrotingen.

De info is weer doorgespeeld aan het Stadsarchief.

Foto: Stadsarchief Amsterdam

Hulp kwam van Paul Graalman, Arjen Lobach, Anneke Huijser, Mike Man, Jos Mol, Gerard Beerman, Eric-Jan Noomen, Hans van Efferen, Aschwin Merks,

...nog meer hulp gevraagd en ook gekregen

 

De kunstenaar stond in de Nieuwebrugsteeg en keek richting Oudezijds Voorburgwal. De steeg links is de Sint Olofspoort en de lichtval op het hoekhuis komt door de Warmoesstraat vanuit het zuiden (=rechts).
Er bestaat een tekening van Herman Habes in de Beeldbank met nagenoeg hetzelfde beeld: klik hier.

Over de maker hebben we minder te vertellen. De signatuur gaf geen uitsluitsel.

Foto: Monique Silla-v.d. Kamp

Hulp kwam van Fons Baede, Paul Graalman, Hans van Efferen, Mike Man, Jos Mol,

redactioneel

Amsterdams duinwater -1

 

Heeft u zich nooit afgevraagd waarom een schrijver als Jacob van Lennep zich zo druk maakte over een duinwaterleiding naar Amsterdam? En waarom niet van de Vecht of een andere bron met helder water? Wel..., simpel omdat de familie een stuk grond bezat bij Woestduin in de Kennemerduinen en hij de geneugten van een helder en smakelijk glas water elke dag ter beschikking had, zo uit een duinkom geschept. Als hij weer in Amsterdam verkeerde dagdroomde hij en zijn echtgenote wel van het frisse water, terwijl ze het moesten doen met de beperkte hoeveelheid die zij uit Woestduin meegebracht hadden. Als dat water toch eens naar Amsterdam getransporteerd kon worden...!
Zijn lapje grond is de bakermat voor de duinwaterleiding. Hij verkocht het voor een habbekrats aan de Amsterdamsche Duinwaterleiding Maatschappij om er de eerste vergaarkom te graven: de Oranjekom.
Hij was zeker niet de eerste met dit idee maar toevallig wel degene die het in de daad wist om te zetten.
Eerst even wat vooraf ging...

 

Door aanhoudende stormen in de 14de en 15de eeuw waren de zeegaten uitgesleten en stroomde rijkelijk zeewater in de Almere, die eerst brak en toen de zoute Zuiderzee werd. Steeds verder landinwaarts werd al het binnenwater brak en ondrinkbaar, inclusief het Amsterdamse stadswater. Nog begin 16de eeuw, in 1507, leert een proces tegen zekere Floertgen en Vriesgen dat zij beboet werden omdat ze het stadswater hadden verontreinigd waar de stadsgenoten hun voedsel in moesten koken ("dair de poirteren ende ingesetenen heur spise vuytcoecken"). Het werd pas echt pijnlijk toen de landsadvocaat Van der Goes keizer Karel V, op bezoek in de Nederlanden, afraadde om Amsterdam te bezoeken "om te behoeden die gesontheyt van Syne Majesteyt ende den geenen die hem volgen ende water drincken willen, 't welk t'Amsterdam nyet en doecht, ende veel sieck, ja den doedt drincken souden mogen". Inmiddels zwom er haring in 't IJ en stroomde dat zoute water elke nacht door de grachten om die te spoelen.

 
De eerste noodmaatregel werd in gang gezet door de gezamenlijke bierbrouwers en bestond uit het onderhouden van zgn. waterschuiten of waterhaalders, schepen die een grote hoeveelheid schoon water uit de Haarlemmermeer ophaalden en in tanks in de brouwerij opsloegen. Het stadsbestuur en particulieren sloten zich bij de brouwers aan en verkochten het opgehaalde water per emmer of pompten het over in waterkelders. Maar ook de Haarlemmermeer werd brak en men week uit naar de Vecht, waar ze echter gedwongen werden steeds verder stroomopwaarts het water in te nemen. Zo sukkelde men de 19de eeuw in en een oplossing liet op zich wachten.

Die oplossing diende zich in meerdere plannen aan; het goede water diende via een pijpleiding naar de afnemer gebracht te worden. Plannen genoeg, al vanaf begin 17de eeuw, maar geen investeerder die zich er voor leende die leiding aan te leggen. Niemand geloofde dat je inwoners van een zo waterrijk land kon bewegen om voor water te betalen. Intussen bleek de oorzaak van een geheimzinnige vergiftiging - waardoor doden te betreuren vielen - het lood van dakgoten en regenpijpen te zijn, waarmee regenwater voor huishoudelijk gebruik opgevangen werd. Ook voortschrijdende inzichten over hygiëne drongen aan op een oplossing...

 
In de 19de eeuw werd vers water in kruiken aangevoerd uit verre streken, o.a. uit de openbare pomp op de Mariaplaats in Utrecht (foto), en vanuit Duitsland werd mineraalwater ingevoerd, Dit alles was alleen te betalen voor de rijkere stadsgenoten. In 1847 leverde een gepensioneerde genieofficier een plan in om duinwater uit de buurt van Haarlem naar Amsterdam te vervoeren via een pijpleiding. Spot en hoon was 's mans loon, maar niet van Jacob van Lennep die contact opnam en zich het plan liet uitleggen. Samen met de Engelse ingenieur Cocker bezocht hij in 1849 Londen om een kijkje te nemen bij een proef met een waterleiding. Cocker bevestigde dat het vervoeren van duinwater door een pijpleiding naar Amsterdam wel degelijk haalbaar was. Niet bovengronds (fraudegevoelig en bron van vervuiling) maar ondergronds. Amsterdam had tot de gemeentegrens van Haarlem zijn (bestrate) Haarlemmerweg en daar zou de leiding onder kunnen.

Nu nog een bruikbare bron van duinwater vinden en daar kwam Van Lennep's lapje grond Mariënduin in Woestduin/Bloemendaal weer in beeld. Hier moest een grote kom uitgegraven worden met op de oever een door een stoommachine aangedreven pomp die het water in de leiding perste. De foto hieronder (bron: onh.nl) geeft het resultaat weer zoals die Oranjekom er begin 20ste eeuw uitzag. In 1850 verscheen een brochure van zijn hand, waarin hij de technische details uiteenzette en investeerders opriep deel te nemen aan het project. Nu werd ook Van Lennep belachelijk gemaakt, zelfs door het stadsbestuur dat zijn plan onbekookt noemde. Zo iets kon alleen uit het brein van een dichter ontspruiten. De financiering kwam uiteindelijk tot stand met behulp van Engelse investeerders die zich ook de uitvoering (en de winst) toe-eigenden.
Koning Willem III stemde op 19 juni 1851 toe in de oprichting van de Duinwater Maatschappij met als eerste directeur Jacob van Lennep en als eerste commissaris de Engelse financier en advocaat Arthur Adams. Zijn zoon, de toen elfjarige kroonprins Willem (1840-1879), zette op 11 november 1851 de eerste spade in de grond voor het graven van de Oranjekom. In Leiduin, aan de Leidsevaart, stond nog een pompstation waar de eigenlijke pijpleiding naar Amsterdam begon.


In 1853 stroomde duinwater naar het eerste tappunt in de stad. Tussen alle mislukte plannen schittert dit van Jacob van Lennep als één van een visionair. Zonder zijn waterleiding waren tijdens de cholera-epidemie van 1866 duizenden stadsgenoten extra omgekomen. De Jordaan kreeg voorrang bij de aanleg van het leidingenstelsel. Over het verdere wel-en-wee van de waterleiding in de stad vullen we nog een aflevering. Daarin zult u lezen dat Amsterdam, na gebleken nut, uiteindelijk de exploitatie zelf ter hand nam.
Hieronder nog de bouwtekening van het eerste duinwater-tappunt even buiten de Haarlemmerpoort. Klik op de tekening voor de tekening in volle resolutie in de Beeldbank.

De afbeeldingen bij dit artikel komen uit de Beeldbank van het Stadsarchief Amsterdam, tenzij anders vermeld

Gijsbreght weer eens per 14 dagen

Daar was u net gewend geraakt aan elke week een column van Gijsbreght..., stopt'ie er weer mee. Hij heeft zich - met zijn extra quiz - een plaats veroverd in dit digitale weekblad. Nu moeten zijn fans weer afkicken en om de week het gewauwel van die andere columnisten voor lief nemen.

Column: Joan van der Meij

De reacties op het Scheepvaarthuis waren divers; van vernietigend tot lovend. "Hier is verwarring, onduidelijkheid. Ik wil niet van wanverhouding spreken, maar constateer gebrek aan sprekende expressie door gebrek aan rust *." Het eerste dat opvalt is het spelen met metselverbanden, later hèt kenmerk van de Amsterdamse School. "... in het Scheepvaarthuis is alles beweging, de rijzing der pijlers, de brokkeling van de silhouetten, het binnenwaarts schieten der raamkozijnen, de groote terracotta-motieven die van de hoektoren nederwaarts klateren en de kleine, die in snelle trillingen opklimmen, alles in beweging, die als geheel den grooten, van inwendige krachten gespannen, den geniaal-nerveuzen indruk maakt, zooals geen andere architectuur vermag**".
Wie was architect Joan Melchior van der Meij, in dienst bij Publieke Werken als toegevoegd architect onder stadsarchitect Wichert de Graaf? Alhoewel 37 jaar oud had hij nog weinig meer gepresteerd dan in 1906 de Prix de Rome te winnen met een ontwerp voor een 'prinselijk verblijf op een duin'. Met het geld van die prijs zwierf hij een paar jaar door Italië, Frankrijk, Engeland en Scandinavië ... op de fiets, met een schetsboek bij de hand. Weer thuis kwam hij in dienst van architectenbureau van Gulden & Geldmaker en Ed. Cuijpers.
Bij PW werkte hij in 1910-1912 aan het Hugo de Vries-laboratorium.
En dan opeens in 1913 deze prestigieuze opdracht voor de vormgeving van het Scheepvaarthuis. Dat was niet mis, ondanks dat de constructie voor rekening kwam van de Gebr. van Gendt.

* C.L.Dake in de Telegraaf 1915-11
** D. Smit in Amstelodamum Mb.5 1918

Die eer had een goede reden maar die bleef tot vandaag zorgvuldig onder de pet. Het Scheepvaarthuis is een initiatief van de KNSM en Van der Meij was een buitenechtelijk kind van een der directeuren van de KNSM. Met zo'n kruiwagen lukt het wel om zo'n opdracht binnen te slepen.
Het is onbekend of Van der Meij zijn medewerkers zelf uitzocht of dat het team al door de opdrachtgever uitgekozen was. Van zijn jaren bij het bureau van Ed. Cuijpers kende hij de jonge architecten Michel de Klerk en Piet Kramer en met deze assistenten begon hij de bouw van het Scheepvaarthuis. Nou weten we niet welk onderdeel in de vormgeving van deze beide toegevoegde architecten stamt en wat typisch Van der Meij is. Laten we het op 'kruisbestuiving' houden. Hij gold als artistiek, excentriek en eigenwijs. Hij kwam regelmatig met pragmaticus Van Gendt in aanvaring tijdens de bouw van het Scheepvaarthuis. Veel heeft Van der Meij te danken aan de deskundigheid van aannemer Ph.A. Warners & Zoon en diens onderaannemer Lesage.
Na oplevering van het Scheepvaarthuis zakt de carrière van Van der Meij weer in. Zijn woningblokken aan de Cornelis Schuijtstraat vallen nog het meest op. Zijn werk aan het Mercatorplein en omgeving sneeuwt onder doordat hij met veel verschillende architecten moet samenwerken en het ontwerp van de Vijzelflat (Amstelstein; samen met Zeeger Gulden) vergeten we liever omdat het gebouw deels instortte. Mislukt - want lomp - lijken de ontwerpen voor de Waalseilandbrug en de overdekte krul.

Foto's boven: J.M. van der Meij (foto: Wendingen) - Scheepvaarthuis compleet afgebouwd, nu een hotel (foto: Gert-Jan Lobbes)

Foto's onder: Hugo de Vries-laboratorium (foto: Corrie Groen) - Jacob Obrechtstraat, hoek De Lairessestraat (foto: Wikipedia)

Foto's boven: blok Admiralengracht, hoek Jan Evertsenstraat (foto: Gert-Jan Lobbes/Wendingen) - Hoofdweg, hoek Jan van Galenstraat (foto: Verheijfotografie/Wendingen)

Foto's onder: Waalseilandbrug (brug#283) (foto: Wikipedia) - Overdekte krul voor PW (foto: Wikipedia)

De afbeeldingen bij dit artikel komen uit de Beeldbank van het Stadsarchief Amsterdam, tenzij anders vermeld

YouTube: Carillon Zuiderkerkstoren

Deze week honderd jaar geleden

 
Woensdag 28 juni 1922 - Honderdjarig bestaan van Joodse school Talmoed Touro. Dat is een school voor Joods onderwijs tussen de armenscholen en de 'onderwijzersscholen' in. Voor de laatste moest flink betaald worden (ƒ70 p/jr) en de armenscholen waren gratis. Voor de Talmoed Touro betaalde men een kleinigheid. De behoefte aan Joods onderwijs was ooit vanzelfsprekend maar na de gelijkberechtiging der Joden in 1796 en de bevestiging daarvan in het Koninkrijk der Nederlanden na 1815, verdween de subsidie voor bijzonder onderwijs, ook voor de Joden. Om toch een minimum aan godsdienstonderwijs te kunnen geven, blijven de scholen tot 's avonds 7 uur open. Dat brengt weer een leegloop teweeg omdat Joodse leerlingen zo veel minder vrije tijd hebben. Later in de 19de eeuw sloten zowel Serfardim als Asjkenazim zich bij de Protestanten en Katholieken aan in hun strijd voor bijzonder onderwijs.
De vereniging Talmoed Touro bestaat overigens al sinds 1660 en is meer dan alleen een onderwijsinstelling. Het is het alternatief van de Asjkenazim voor de Talmud Thora van de Portugese Joden.

Oude afleveringen

Hieronder weer een keuzemenu naar oude afleveringen van het jaar 2022. De keuze 2014 t/m 2021 leidt naar de laatste aflevering van het betreffende jaar, met onderaan een eigen menu voor dat jaar.

2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 wk01 wk02 wk03 wk04
wk05 wk06 wk07 wk08 wk09 wk10 wk11 wk12 wk13 wk14 wk15 wk16
wk17 wk18 wk19 wk20 wk21 wk22 wk23 wk24 wk25 wk26 wk27 wk28
 

Aanmelden voor deze digitale uitgave    -    Afmelden voor deze digitale uitgave