Johan van Oldenbarnevelt

levensloop tot zijn benoeming tot landsadvocaat in 1586

Beide ouders stammen uit regentengeslachten van "riddermatige" afkomst. Er wordt gesproken over "keuteradel". Van moederszijde (van Weede) erfde Johan de bezitting Hoogland, waardoor hij reeds vroeg financieel onafhankelijk werd. Den Tex laat niet na te stellen dat Oldenbarnevelt uit een gedegenereerd nest kwam (vader regelmatig in gevangenis, broers en zusters deugden ook bijna allen niet), hetgeen zeker invloed zou hebben gehad op de 'kwaliteit van zijn grootheid'. 'Zelden, maar dan tomeloos driftig, koude wraakzucht en neiging tot risico's nemen' zijn nog enkele karakterschetsen uit de koker van Den Tex.

Hij studeerde aan verschillende universiteiten, Leuven, Bourges, Keulen, Heidelberg en in ltaliŽ, waarschijnlijk Padua. Overal kort en niet intensief. De Reformatie houdt de gemoederen in Europa bezig, heftige discussies op de universiteiten waren het gevolg. Vooral Heidelberg was een haard van calvinistisch denken, en daar bevonden zich vele uit de noordelijke Nederlanden afkomstige bannelingen waartussen Oldenbarnevelt zich niet thuisvoelde vanwege hun extremisme. Hij was bij zijn landgenoten/medestudenten minder geliefd. In 1569 "ontvluchtte" hij Heidelberg en trok naar ItaliŽ, waar hij kennismaakte met de nadagen van de Renaissance, met de ruime, bijna cosmopolitische kijk op het Europese "gedoe". Mogelijk hielp deze ervaring hem om een zo ruimhartig patriot te maken.

In 't voorjaar van 1570 vestigde hij zich als advocaat in Den Haag en belandde zů midden in de Opstand. Pas toen in 1572 de eerste steden in handen van de opstandelingen vielen, koos Oldenbarnevelt hun zijde. Verondersteld wordt dat hij de noodzaak inzag van de vorming van een plaatsvervangende regering om te voorkomen dat de Geuzen van Lumey daarvoor anders zouden zorgen. Dit lukte hem o.a. In Leiden, Delft en Rotterdam, waar zich een regentenklasse kon vestigen die Oldenbarnevelt later nog vaak tot steun zou zijn. Bij werkzaamheden in dienst van de Hoogheemraden van Schieland, tijdens de voorbereiding van de inundatie van het gebied rond Leiden, kwam hij voor 't eerst in kontakt met Willem van Oranje. Na het ontzet van Leiden ging hij voor 't eerst optreden als advocaat van de Staten van Holland, mogelijk op instigatie van Oranje.

In 1575 trad hij in 't huwelijk met Maria van Utrecht, na haar eerst als advocaat tot de erfenis van vijf "heerlijkheden" verholpen te hebben. Dit is de basis van zijn later zo grote fortuin. Dat dit hem verder niet zoveel opleverde mag blijken uit de opmerking van een tijdgenoot die zegt: "Hij is getrouwd om rijkdom, het geluk is hem ontgaan". De uit het huwelijk geboren zoons erfden direkt deze heerlijkheden, hetgeen Oldenbarnevelt niet verhinderde zich voorlopig "Heer" daarvan te laten noemen.
Eind 1576 werd hij benoemd tot pensionaris van Rotterdam, een stad die door een positief en economisch gericht overheidsbeleid in enkele decennia uitgroeide van vissersdorp tot belangrijke havenstad. Vooral de gastvrijheid voor ondernemende Zuid-Nederlanders zoals Hans van der Veken was mede het werk van Oldenbarnevelt. Zijn kwaliteiten bleven niet onopgemerkt, regelmatig werd hij als gecommitteerde voor de Staten van Holland uitgezonden. Rotterdam was zo tevreden over zijn werkzaamheden dat, toen Oldenbarnevelt in 1586 tot landsadvocaat werd benoemd, men hem tenauwernood wilde laten vertrekken en bijna blindelings zijn jongere, net afgestudeerde broer Ellas tot opvolger benoemde.
Door zijn optreden als pensionaris, gecommitteerde en als landsadvocaat liet hij zich leiden door libertijnse denkbeelden, dit geheel in de geest van zijn werkgevers, de Staten van Holland. De macht op dat moment lag duidelijk niet bij Oranje of de adel maar bij de minder hoge 'Heren' In Holland. 

Bij het ontstaan van de Republiek in 1581, het ontwerp van de kerkorde in mei 1582 en het bij de opstand dwingen van Amsterdam, de Alteratie in februari 1578 was Oldenbarnevelt aanwezig of gaf er vorm aan. Het leverde hem even zovele vijanden op; vooral Amsterdam bleef voortdurend tegen hem ageren. Na de bezetting van de zuidelijke Nederlanden door Parma was het Gewest Holland zowel geografisch als moreel het middelpunt geworden van de Republiek en de Opstand. Oldenbarnevelt werd nu ook in de buitenlandse politiek betrokken. Dat de moord op Oranje toch een crisis dreigde te veroorzaken was meer door gebrek aan een uitvoerend orgaan. De Staten van Holland vulden echter in allerijl dit machtsvacuum, met Oldenbarnevelt als spil. Toen landsadvocaat Buys in augustus 1586 uit eigen beweging opstapte was de weg voor Oldenbarnevelt vrij, zonder daar op aangestuurd te hebben dan door het etaleren van zijn talenten ....
 

 Pagina herzien: 23-03-2009 - Afbeeldingen van internet