weekblad-logo

week 14-2018

Fotoquiz snelste

De snelste met het goede antwoord op de opgave van vorige week was Jos Mol. De nieuwe opgave komt dan ook van hem. Hij gaat 't u niet makkelijk maken en wil ook nog een heleboel weten. Zijn vragen zijn:

Waar is dit?
Waar diende het linker gebouw toe?
Welke gracht ligt aan het eind van de straat, rechts buiten beeld?

Voor de goede orde: zowel huizen als straat zijn van de kaart geveegd.

Oplossingen via deze link

Foto: Stadsarchief Amsterdam

Oplossing vorige week

Vond u het kinderachtig, dat weghalen van de Munttoren? Maar het was toch een mooie quizvraag geworden? We wilden het hoofdonderwerp, het oude Muntgebouw, midden op de foto laten uitkomen. Alles met "munt" werd goedgerekend en natuurlijk ook Singel.
De commentaren op de opgaven varieerden van "wat is Amsterdam nou zonder Munttoren" tot "zeker bijna Pasen, allemaal eitjes".

Foto: Stadsarchief Amsterdam

 

Goede oplossingen kwamen van Jos Mol, Arjen Loabch, Ria Scharn, Robert Raat, Mike Man, Anneke Huijser, Han Mannaert, Schipperpaul, Fons, Baede, Kees Huyser, Anje Belmon, Harry Snijder, Gerard Beerman, Anthony Kolder, Onno Boers, Harald Advokaat, Hans Goedhart, Dirk Fuite, Maaike de Graaf, Dick van der Kroon, Hans van Noort, Carol de Vries, Minne Dijkstra, Adrie de Koning, Hans Olthof, Nico Prinse, Otto Meyer, Winfried Bij, Aschwin Merks, Nico Prinse, Hans van Efferen,

Fotoquiz: Jan's keuze

Dit heeft u eerder gezien. Of tenminste had u deze foto eerder gezien kunnen hebben in deze kolommen. Het dubbelhuis achter de bomen is afgebroken en wij willen weten wat ervoor in de plaats is gekomen.

Welke gracht is dit?
Wat kwam er in de plaats van het grote huis achter de bomen?

Oplossingen graag via deze link

Foto: Satdsarchief Amsterdam

Oplossing: Dick's keuze

Het hoekhuis rechts van de feestpoort gaf de beste hint: het politiebureau op de hoek van de Reguliersbreestraat en de Halvemaansteeg. De fotograaf stond dus op het Rembrandtplein. Op de poort staat een vignet WE wat diverse deelnemers op het huwelijk van koning Willem III met Emma van Waldeck Piermont bracht en het jaar dus op 1879.

Foto: Stadsarchief Amsterdam

 

Goede oplossingen kwamen van Arjen Lobach, Robert Raat, Ria Scharn, Han Mannaert, Fons Baede, Anna Denekamp, Mike Man, Jos Mol, Gerard Beerman, Harry Snijder, Onno Boers, Harald Advokaat, Hans Goedhart, Maaike de Graaf, Anje Belmon, Kees Huyser, Carol de Vries, Anneke Huijser, Jan Snijders, Adrie de Koning, Otto Meyer, Winfried Bij, Aschwin Merks, Hans van Efferen, Anthony Kolder,

Heeft u ook een opvallende foto gevonden?

Laat ons meegenieten en stuur hem naar de redactie. Graag via deze link en alléén via deze link a.u.b.

Fotoquiz Waar? Wat?

Het gaat ons om het hoge gebouw. Daarvan willen wij het volgende weten:

Waar is dit?
Hoe heet het gebouw?
Wie was de eerste gebruiker?

Oplossingen graag via deze link

Foto: Stadsarchief Amsterdam

Oplossing vorige week

Foto's: Stadsarchief Amsterdam

Nu de tekst Brack's Doelen Hotel op de zijmuur wèl zichtbaar is, weet u natuurlijk waar zich dit gebouw bevindt. Het is de vroegste versie van het Doelenhotel in de Nieuwe Doelenstraat, een onderneming van logementhouder Brack. Deze richtte in 1815 de verlaten behuizing van de Kloveniersdoelen in tot hotel. Boven de bebouwing piept nog net de muurtoren 'Swygh Utrecht' uit. In 1870 ging het hotel over in andere handen en ter gelegenheid van de wereldtentoonstelling van 1883 werd het hele complex gesloopt en het huidige Doelenhotel gebouwd.
De stad Amsterdam zat zo verlegen om hotelbedden voor de buitenlandse gasten dat iedere hotellier die wilde bouwen of uitbreiden alle toezeggingen kreeg. Zo sneuvelde die kostelijke muurtoren na 400 jaar stand gehouden te hebben alsnog.

Goede oplossingen kwamen van Arjen Lobach, Ria Scharn, Bob Bommellaan, Robert Raat, Mike Man, Anje Belmon, Onno Boers, Harald Advokaat, Kees Huyser, Anneke Huijser, Jos Mol, Adrie de Koning, Otto Meyer, Aschwin Merks, Hans van Efferen, Anthony Kolder,

Met de camera op pad...

Hier komt u alleen uit als u de foto goed analyseert, wat gebeurt er, wat drijft er in het water....

Waar is dit?

Laat het ons weten via deze link

Foto: Stadsarchief Amsterdam

Foto van vorige week

Daar was hij weer eens, de overhaal van de Boerenwetering bij het Polderhuis. Deze keer in een nog verdere staat van onttakeling, zonder rad. De wallekant is al gereed voor een toekomst als Hobbemakade. Als de nieuwe overhaal Wielingenstraat gereed is, kan de Boerenwetering op stadspeil gebracht worden en op de Singelgracht aangesloten worden. Einde Polderhuis!

PBK: collectie DvdK

Goede oplossingen kwamen van Arjen Lobach, Robert Raat, Anneke Huijser, Maarten Helle, Anna Denekamp, Ria Scharn, Gerard Beerman, Mike Man, Onno Boers, Harald Advokaat, Anje Belmon, Kees Huyser, Adrie de Koning, Jos Mol, Otto Meyer, Aschwin Merks, Emmanuel Zegeling, Hans van Efferen, Anthony Kolder,

en dan nog even over...

...de Haringpakkerij

Wij beweerden vorige week dat de Haringpakkerstoren vroeger (vóór de Alteratie) de Heilige Geesttoren heette. Maar daar speelde de opmaat naar het Paasfeest ons parten. In werkelijkheid was het de Heilige Kruistoren, zo corrigeerde Hans Olthof ons.

Afbeelding: Stadsarchief Amsterdam

De eerste treinstations -1

Op 20 september 1839 werd met veel vlagvertoon het eerste stationsgebouw van Nederland ingewijd: station d’Eenhonderd Roe. Het ontleende deze naam aan de gelijknamige herberg op de andere oever van de Haarlemmertrekvaart. Spoorbaan en station waren naar de stille oever gedirigeerd wat dit beginpunt van Nederland eerste spoorlijn slecht bereikbaar maakte voor de passagiers. Die werden geacht uit Amsterdam te komen of er naar toe te reizen, maar het station lag op grondgebied van de gemeente Sloten. Als we de locatie reconstrueren moeten we het eenvoudige houten gebouwtje zoeken tegenover het woonblok Haarlemmerweg tussen Fannius Scholtenstraat en Groen van Prinstererstraat. Op de plek van het stationnetje staat vandaag het linkerdeel van het voormalig zuiveringsgebouw van de Westergasfabriek. Een herdenkingsplaquette bevindt zich op de huidige Polonceaukade 13. Dat het spoor naar de stille kant verbannen was, mag niet verbazen. De weg, het jaagpad van de trekschuiten en alle belangrijke bebouwing langs de weg maakte deze tot een drukke verbinding. Daar paste echt geen trein meer bij. Om er te komen was een vlotbrug in de vaart gelegd, die alleen te voet begaanbaar was. Kortom…, geen ideale situatie!
De verbinding met de stad werd onderhouden door omnibussen van de AOO van Jonker & Comp. Vanuit diverse punten in de stad onderhield deze speciale ritten naar het treinstation, daartoe geoctrooieerd door de stad. In 1843 volgde ook het toen geopende station Rhijnspoor. In 1848 werd de AOO overgenomen door een andere exploitant en in 1874 nog eens door de AOM. Die nam de ritten op in het reguliere schema met paardentrams. Daarmee kwam het speciale vervoer naar stations tot een einde.

Op de litho hierboven (detail) staat slechts één loc voor het treinstel, maar we weten dat voor de eerste rit ook de tweede loc ingeschakeld werd. Op de wallekant het korps van de schutterij dat ook inscheepte en de hele reis door muziek maakte. Door de uitsnede is net de vlotbrug over de trekvaart weggevallen.
Kaartje onder: Jacobus van Eck 1941 (detail) zoals voorkomend in zijn boek Amsterdamsche Schans.... Door elkaar getekend zijn de situaties van 1843 en 1941. In rood het hulpstation (links) en station Willemspoort (rechts). Rood omlijnd is het huidige Westerpark

Hulpstation d’Eenhonderd Roe bestond uit drie houten gebouwtjes (zie plattegrond). Ze werden nog geen meter buiten de gemeentegrens van Amsterdam geplaatst (streeplijn op plattegrond). Het station kende een bezetting van drie personen: de stationschef en twee commiezen. De stationschef was een vertrouwenspersoon die over de vervoersbiljetten ging en die een borg van ƒ5000,- moest storten om deze baan te krijgen. Het spoor dat de HIJSM – de maatschappij die de eerste treinverbinding in ons land tot stand bracht – aanlegde, was breedspoor van bijna twee meter breed (1945mm). De reis naar Haarlem diende volgens de planning binnen 28 minuten voltooid te worden. Er waren drie klassen waarvoor de ritprijzen ƒ1,20, ƒ0,80 en ƒ0,40 bedroegen. Daarmee was het 3e klasse-kaartje nèt zo duur als de trekschuit. Het comfortabelst was de diligence van de eerste klasse. De 2e klasse gaf toegang tot de char-á-banc, open rijtuigen in de stijl van een jan-plezier en de 3e tot waggons met kleine ramen en houten banken. Vier keer per dag vertrok een trein richting Haarlem en kwam ook weer terug. Voor de dienst waren twee locomotieven aangeschaft: de Arend en de Snelheid die het treinstel met de duizelingwekkende snelheid van zo’n 40 km/uur voortjoegen.

Foto: Replica van de Arend in het Spoorwegmuseum Utrecht

Foto boven: kopstation Willemspoort; bron: Stadsarchief Amsterdam

Het was natuurlijk nooit de bedoeling geweest het station zó afgelegen te situeren, maar voor een plek binnen de gemeentegrens was een Koninklijk Besluit vanuit Den Haag nodig. Dat kwam een jaar later, op 21 oktober 1840. Dat opende de weg voor een permanent stenen stationsgebouw: station Willemspoort. Als we willen nagaan waar dat gestaan heeft, dient u de situatie ter plekke te kennen. Voordat het viaduct naar de Spaarndammerstraat er in 1920 kwam, moest het verkeer naar die buurt onder een viaduct in de Houtmankade door. Op de plek van de omweg naar dit viaduct stond station Willemspoort. Het werd pas op 6 december 1843 geopend, drie jaar na het KB dat dit mogelijk maakte. Het ontwerp was zogenaamd van HIJSM directeur ir.F.W.Conrad, maar daarbij keek architect Cornelis Outshoorn (o.a. Paleis voor Volksvlijt) hem dwingend over de schouder om de zaak in goede banen te leiden en te houden. De krap 300 meter verlenging van het tracé was een jaar eerder tot stand gekomen. Op 4 oktober 1842 reed de trein voor ’t eerst door naar de Singelgracht waar opnieuw een houten noodgebouwtje de honneurs waarnam tot het grote nieuwe stationsgebouw klaar zou zijn. Station Willemspoort was een formidabel gebouw, met de pronkzijde gericht naar de stad: de Willemspoort op het Haarlemmerplein. De opening in 1843 ging gepaard met de opening van het tweede station in Amsterdam, station Rhijnspoor. Maar daarover een ander keer. De sloop in 1880 was een gevolg van het in 1878 doortrekken van de spoorlijn de stad in tot hulpstation Westerdok, in voorbereiding op de opening van het Centraal Station. Ook daarover een volgende keer....

Column: de magie van Artis -1

eeft U al eens gebarbecued bij de pinguins? Nu, wij wel. Wij, Gijsbreght en zijn vrouw woonden van 1971 tot 1978 op de Plantage Muidergracht in het blok Muidergracht, Middenlaan en Badlaan. Het driehoekje ligt tegenover het Artis Aquarium. In de jaren dat wij er woonden, had Artis ook daar een ingang, hetgeen verdraaide handig was, daar wij dan in twee minuten lopen in die mooiste dierentuin ter wereld naar binnen konden om te genieten van dieren, exotica, bomen en Amsterdamse architectuur.
Wij hadden al gauw in de gaten dat het voor een echtpaar met twee dochters zeer lonend was een jaarkaart te bezitten. Artis werd onze achtertuin. Na mijn werk, lesgeven aan Mokumse boefjes, kwam ik vaak rond vijven thuis en ging dan linea recta naar de genoemde ingang waar de Aquariumportier mij vertelde dat mijn vrouw en mijn twee dochters bij de zandbak bij het kamelenverblijf c.q. vogelhuis aan het spelen waren. Dat was handig. Langzaam stroomde Artis dan leeg, en werd alles weer rustiger. De dieren kwamen tot rust en gedroegen zich een stuk normaler. En wij, wij hadden het voorrecht hier heerlijk te ontspannen, als op een Jordanees hofje, desnoods tot zonsondergang, want zolang mocht je 's zomers blijven.
We hebben vele leuke en interessante zaken meegemaakt met dieren, oppassers, verbouwingen en vele andere zaken. In de zomer, als wij met open ramen sliepen, maar ook wel overdags, hoorden wij allerlei exotische geluiden als vertoefden wij op de Afrikaanse Savanne, van leeuwengebrul tot het heftige geloei van de siamangs met hun opgeblazen keelzak en af en toe parkeerde er een papegaai in de Italiaanse populieren voor onze deur of op de balkons waar ze hun scherpe snavels in de verflaag zetten. Mijn vrouw was bevriend met een dochter van een der Artisdirecteuren en die vertelde dat er in de tuin van haar vader, een tuin die grensde aan Artis, allerlei dieren opdoken, zoals een kangoeroe in de tuin of een aap die op haar bed ronddanste. Een gewonde vleermuis die op ons binnenplaatsje lag en mijn vrouw nog even heftig wist te bijten, brachten wij braaf naar Artis, waar hij waarschijnlijk in de slangenmagen verdween. Op de kinderboerderij tikte de oppasser tweemaal per dag met een ijzeren sleutel op de metalen ruif. Dan kwam de hele zooi - geiten, schapen, kippen etc. - mekkerend en kakelend aanzetten ter voedering. Later heb ik dat wel stiekem toegepast als ik kinderen rondleidde in de tuin.'Opletten, jongens, ik kan toveren, ik kan alle dieren hiernaartoe komen en laten praten....bèh,tok, mèèèèh!'

Als het vol was in Artis kon je ook heerlijk mensen kijken en ook wat de dieren, die het soms zat waren, de mensen aandoen. Zoals het gooien met poep of zand door chimpanseepubers, het spugen door mevrouw lama en het spuiten van onuitwasbare en overdadig riekende tijgerurine op de bontjas van de deftige dame, jawel, een straal van vele meterslang! En natuurlijk de tamtam die de  mandrils - trekkend aan het gaas en vervaarlijk krijsend door de ruimte stuiterend -  maakten als er een mevrouw met een - volgens hun code - teveel aan make-up op voorbijkwam. Apen die fototoestellen en andere zaken van de bezoekers door de spijlen trokken, altijd leuk! De oppasser van de rhesusapenrots vroeg een keer aan mijn vrouw om even op te letten dat er geen apen ontsnapten, hij moest namelijk even over de draaiplank naar de binnenhokken. Daar sta je dan. Wat als er nu wel eentje de apenbenen neemt? Maar het pakte goed uit! En dan de beo. Ook altijd lachen. Wij wisten hoe we hem aan het praten moesten krijgen. Stond er een nietsvermoedende bezoeker te dromen, begon meneer beo plots als een mens te kletsen tot verbazing van de betrokkene. Ook brak er wel eens een rund of een ander dier uit, dan was het oppassen geblazen!
Wat deden we nog meer? Blazen door de luchtgaten onder het glas bij de lippenberen, die dan terugbliezen tot schrik van de mee-gebrachte kinderen. Kijken naar de poephelikopter van Tanja het illustere Mokumse nijlpaard. Of naar de piemel van de tapir die 'zandgepaneerd' over de grond sleepte, waarop een jongetje vragen stelde aan zijn moeder. 'Dat is nu het schaap met de vijf poten,' maakte ik het jochie wijs, die mijn antwoord triomfantelijk doorkletste aan de lachende moeder die e.e.a. maar zo liet.
De pauwen lieten zich ook gelden. Ze paradeerden vrij rond en konden soms snerpende geluiden maken. Ik herinner mij dat er ook witte pauwen waren en dat er een op het wolvenhok sliep. Een keer zagen we alleen nog wat witte veren in het wolvenhok. Was hij toch in het hok getuimeld en heeft Midas Wolf die dag een verse pauw op het menu gehad.
Langs de gracht van de Mauritskade eindigde Artis. Daar stonden mooie houten gebouwen met de diverse diensten erin.
Dick Hillenius de beroemde Nederlandse dichter en bioloog werkte daar. Ik heb voor mijn studie nog een interview met hem gehad. Een zeer sym-pathieke man, die helaas niet zo oud is geworden.

-wordt vervolgd-

 

Bij de foto's:
Links: Een van mijn dochters op de glijbaan bij het vogelhuis
Onder: Dick Hillenius bij zijn schatten
Daaronder: De mooie houten Artisgebouwen langs de Mauritskade

Deze week honderd jaar geleden

Donderdag 4 april 1918 - Diverse karren van broodslijters worden geplunderd. Het is onrustig in de stad.

Maandag 8 april 1918 - Relletjes in de stad, o.a. op het Beursplein en bij het stadhuis. Het blijft onrustig in de stad.

Woensdag 10 april 1918 - De burgemeester probeert weer eens een brandje te blussen door een delegatie van demonstrerende vrouwen te ontvangen. Dit keer zijn het vrouwen van de Revolutionair Socialistische Partij. Hij kan alleen maar vertellen dat B&W voortdurend bot vangt als er weer een verzoek wordt gedaan de voedselreserves aan te spreken omdat er in de stad honger geleden wordt. De laatste actie was een dringend verzoek aan Den Haag om de invoer van Amerikaans graan te bespoedigen. De schepen zouden op weg zijn... In werkelijkheid is de motie, die B&W daartoe moest dwingen, weggestemd.

Woensdag 10 april 1918 - Bij Werkspoor breekt een staking uit die tot 18 april zal duren. Meer stakingen zullen volgen. In zijn onmetelijke wijsheid regelt de gemeenteraad een duurtetoeslag voor gemeentepersoneel. Dat helpt vast niet om de gemoederen te sussen.

Donderdag 18 april 1918 - Bij de Rijks Artillerie-inrichting Hembrug breekt een staking onder de los-werklieden uit. De volgende dag wordt een trein vol werkwilligen naar het CS gereden, vanwaar ze onder politie-escorte naar het werk gebracht worden (foto hierboven).

Vrijdag 19 april 1918 - De burgemeester nodigt weer eens een vrouwenclub uit in de hoop de gemoederen tot bedaren te brengen. Dit keer is het de Sociaal-Democratische Vrouwenclub. Het recept is beproefd..., met 'n kluitje in 't riet.

Oude afleveringen

Hieronder weer een keuzemenu naar oude afleveringen van het jaar 2018. De keuze 2014 t/m 2017 leidt naar de laatste aflevering van het betreffende jaar, met onderaan een eigen menu voor dat jaar.

2014 2015 2016 2017 wk01 wk02 wk03 wk04 wk05 wk06 wk07 wk08
wk09 wk10 wk12 wk13 wk14 wk15 wk16 wk17 wk18 wk19 wk20 wk21
 
Aanmelden voor deze digitale uitgave    -    Afmelden voor deze digitale uitgave